|
Echtscheiding
Voor scheidingen na 1 mei 1995 of –
onder bepaalde voorwaarden – vóór 27 november 1981, zie:
Wet verevening pensioenrechten
bij scheiding. Voor overige scheidingen, zie: Boon/Van
Loon-arrest.
Effectentypisch gedragstoezicht
Toezicht door de AFM op integer gedrag op de
effectenmarkten (zie ook
gedragstoezicht). Een goede werking van de markt en het
vertrouwen in de financiële markt staan hierbij voorop.
De effectentypische gedragsregels zijn direct afgeleid van het
bestaande gedragstoezicht op effecteninstellingen en zijn opgenomen
in wet- en regelgeving.
Vanaf 1 december 2003 geldt dit effectentypisch gedragstoezicht niet
alleen voor effecteninstellingen, maar ook voor verzekeraars,
beleggingsinstellingen, pensioen- en spaarfondsen,
kredietinstellingen die niet het effectenbedrijf uitoefenen en
overige financiële instellingen in de zin van de Wet op het
financieel toezicht.
Egalisatiereserve
Reserve om tot een gelijkmatige verdeling te komen van kosten en
lasten. Ondernemingen mogen deze reserve op grond van de Wet
inkomstenbelasting 2001 vormen aan de passiefzijde van de fiscale balans.
Bekend is de 'egalisatiereserve VUT', die gevormd mag worden indien
het vaste voornemen aanwezig is om op een bepaald tijdstip
VUT-uitkeringen te doen.
Zie ook: VUT-resolutie
Eigen beheer
Uitvoering van een pensioenregeling door een pensioenfonds dat
zijn verplichtingen niet volledig heeft herverzekerd. In het algemeen
kiezen pensioenfondsen slechts voor herverzekering
ingeval van onaanvaardbare
risico's van overlijden (relatief hoge risicokapitalen) en arbeidsongeschiktheid.
Op grond van de Pensioen- en spaarfondsenwet mag een pensioenfonds
slechts eigen beheer voeren, als uit de actuariële en bedrijfstechnische
nota blijkt dat het pensioenfonds voldoet aan de eisen die de Pensioenwet stelt aan deze nota en het pensioenfonds voldoet
aan de eisen die gesteld zijn aan de financiële opzet in relatie
tot het draagvlak van het pensioenfonds. In fiscale zin wordt van
eigen beheer gesproken wanneer een onderneming op de balans een
voorziening heeft voor een individuele pensioentoezegging.
Eigen behoud
Het deel van de contante waarde van een verondersteld ingegaan
arbeidsongeschiktheidspensioen of nabestaandenpensioen, dat altijd
in eigen beheer van het desbetreffende pensioenfonds wordt gehouden.
Per deelnemer geldt hiervoor een vast bedrag.
Eindloonregeling
Pensioenregeling waarin de hoogte van het (behaalbare)
ouderdomspensioen
afhangt van het salaris dat de deelnemer direct voorafgaand aan
de pensioendatum verdient.
Zie ook: gemitigeerde eindloonregeling.
Eindtermen
De eisen waaraan een bestuurder na één of meerdere jaren als bestuurder van een pensioenfonds aan moet voldoen. Deze eindetermen zijn opgenomen in het rapport ‘Deskundigheidsbevordering bij pensioenfondsen’ (opgesteld door OPF en VB).
EMD
Afkorting van Emerging markets debt.
Emerging markets
Vrij vertaald: opkomende markten.
Hiermee worden financiële markten aangeduid van ontwikkelingslanden. Deze markten worden vaak gekarakteriseerd door de snelle maar ook onstabiele economische groei. Een belegging in een emerging market wordt vaak gezien als risicovol vanwege (potentiële) politieke problemen en economische instabiliteit. Het risico, maar ook het verwacht rendement van
een dergelijke belegging is daarom hoger dan van een belegging in ontwikkelde landen.
Emerging markets debt
Obligaties uitgegeven door bedrijven of overheden in opkomende markten. Het verwachte rendement op en het risico van dergelijke leningen is hoger dan op credits en staatsleningen.
Zie ook: High Yield obligaties.
En bloc clausule
Clausule waarin de verzekeraar zich het recht voorbehoudt de geldende voorwaarden in zijn geheel dan wel groepsgewijs te wijzigen.
Ervaringssterfte
Uit onderzoeken blijkt dat sterfte onder collectief verzekerden
bij pensioenfondsen en
levensverzekeraars lager ligt dan de bevolkingssterfte.
Dit effect is sterker naar mate het verzekerde pensioenbedrag hoger
is. Om hiermee rekening te houden bij het maken van berekeningen
kan een pensioenfonds de "ervaringssterfte" vaststellen: de in pensioenbedragen
gemeten verhouding tussen bevolkingssterfte en waargenomen sterfte
in het pensioenfonds.
Euro
Wettig betaalmiddel vanaf 1 januari 2002 in Duitsland, Ierland, Nederland, Griekenland,
Finland, Luxemburg, Oostenrijk, Frankrijk, België, Italië, Portugal en Spanje. Eén euro
is 2,20371 gulden waard. In Slovenië wordt per 1 januari 2007 met de
euro betaald. Sinds 1 januari 2008 zijn Cyprus en Malta ook tot de
eurolanden toegetreden. Als ezelsbruggetje wordt de afkorting DING
FLOF BIPS SCM gehanteerd.
Ex patriates
Werknemers die voor kortere of langere tijd naar een buitenlandse
vestiging worden uitgezonden. Van zulke werknemers wordt verondersteld
dat zij na hun werkzaamheden in het buitenland weer naar Nederland
terugkeren.
Excedentregeling
Pensioenregeling waarmee extra pensioenaanspraken kunnen worden
verworven die bovenop pensioenaanspraken uit een andere regeling
komen, waarbij de twee pensioenregelingen betrekking hebben op hetzelfde
dienstverband.
Excedentregelingen kunnen bijvoorbeeld een pensioenregeling van
een bedrijfstakpensioenfonds aanvullen, wanneer binnen dat bedrijfstakpensioenfonds
slechts tot een bepaalde salarisgrens opbouw mogelijk is.
Exitkorting
Verlaging van de waarde van premievrije
pensioenen, die door sommige
levensverzekeraars wordt toegepast als een werkgever
de uitvoeringsovereenkomstmet die levensverzekeringsmaatschappij beëindigt.
De korting bedraagt meestal 0,5% voor elk toekomstig jaar tot de
pensioendatum met een maximum van 10%. De korting wordt veelal
beschouwd als een ‘boete’ voor de beëindiging van het contract. In
de Pensioenwet is een bepaling opgenomen die moet voorkomen dat een
dergelijke ‘boete’ in de uitvoeringsovereenkomst wordt opgenomen.
Externe waardeoverdracht
Een waardeoverdracht waarbij sprake is van een wijziging van dienstverband.
Naar boven
|